Een ontmoeting

Ik stap achter haar de trein in………Zonder duidelijke aanleiding draait zij zich om en kijkt mij aan. Haar hoofd werpt zij in haar nek en zij lacht een klaterende lach. We kijken elkaar aan. Haar blik. Haar blik is…., ik zoek naar het juiste woord. Schaamteloos. Ja dat is het. “Ik schaam me nergens meer voor”, lijken haar ogen te willen zeggen. Zij ziet mijn verbazing en lacht nog harder.

‘Ik schaam me nergens meer voor”. Ik kauw op dat zinnetje. Mijn fantasie komt op gang. Als dat toch zou kunnen. Je nergens meer voor schamen. Gewoon de dingen doen die je echt zou willen doen. Zou het leven een chaos worden? Zouden we terugvallen op onze oerdriften? Het recht van de sterkste, survival of the fittest. Zouden dat weer de maatstaven worden, de heldere lijnen waarlangs we leven? Maar is dat niet wat er eigenlijk al gebeurt? Doen we niet net alsof? Pretenderen we innerlijke beschaving, maar zouden we, als we de kans kregen, zouden we dan…..Ja wat dan eigenlijk? Mijn fantasie vult in: volle kar boodschappen doen bij de AH, 1 artikel scannen, betalen en brutaal de winkel uitlopen.Mmmm…”, mompel ik, weinig overtuigd en ook wat teleurgesteld in mijn eigen fantasie die meteen vervolgt met: dat strookje achtertuin, wat de overbuurman toch lijkt te zijn vergeten, gewoon op een doordeweekse avond annexeren, jouw schuttinkje metertje naar achteren en kijken wat ie doet. “Saai, doen de meeste mensen al”, protesteer ik half hardop. En met ”en echt spannend en schaamteloos vind ik het ook niet!” spoor ik mijn fantasie nog wat harder aan. Hij steekt meteen door: Die buurman, die heeft toch ook een vrouw? mmmM…”, antwoord ik bevestigend. Jong. Veel te jong voor die ouwe. En zie hoe ze smachtend elke ochtend naar je kijkt, vanuit haar slaapkamer, haar pyjama half open…. Heeft die ouwe die nacht weer niks klaar gemaakt…  “Jaah”, zeg ik grommend, bijna vergetend dat ik in de trein zit. Opeens sta ik tegenover haar. Raak haar aan. Ik hoor hoe de buurman beneden in de keuken rommelt. Mijn ademhaling gaat omhoog.

Intussen is zij tegenover mij gaan zitten en kijkt me nu enigszins verrast aan. Ik verschuif wat op mijn stoel. Kan ze gezien hebben wat er zich in mijn hoofd afspeelde? Ik schuif die gedachte meteen weer als onzinnig aan de kant. Ik schaam me toch niet voor wat ik denk? Ik probeer me weer te concentreren op mijn fantasie, maar merk hoe haar aanwezigheid mij bezig houdt. Is dit waar schaamte en schaamteloosheid over gaan?

Plaats een reactie